Box 3 2026: Nieuwe wetgeving, werkelijk rendement en de weg naar 2028

In this article:

Op 12 februari 2026 heeft de Tweede Kamer ingestemd met het wetsvoorstel ‘Wet werkelijk rendement box 3’. Dit markeert een definitieve koerswijziging in hoe Nederland vermogen belast. Hoewel het nieuwe stelsel pas op 1 januari 2028 moet ingaan, heeft de besluitvorming nu al grote gevolgen voor uw aangifte over 2026 en uw financiële planning.

Wat is er besloten op 12 februari 2026?
De kern van de nieuwe wet is de overstap naar een heffing op basis van werkelijk rendement box 3. De Tweede Kamer heeft groen licht gegeven voor een systeem waarbij u niet langer wordt belast op basis van fictieve rendementen (forfaits), maar over wat u daadwerkelijk aan inkomen en waardestijging geniet.

Belangrijk om te weten: de Eerste Kamer moet het voorstel dit voorjaar nog goedkeuren. Hoewel de politieke wil groot is, blijven de uitvoerbaarheid door de Belastingdienst en de juridische houdbaarheid kritische factoren.

Belangrijk om te weten: de Eerste Kamer moet het voorstel dit voorjaar nog goedkeuren. Hoewel de politieke wil groot is, blijven de uitvoerbaarheid door de Belastingdienst en de juridische houdbaarheid kritische factoren.

Hoe werkt Box 3 in 2026 en 2027?

Tot de invoering van het nieuwe stelsel in 2028 blijft de huidige overbruggingswetgeving box 3 van kracht. Dit betekent dat de Belastingdienst nog steeds rekent met forfaitaire rendementen, waarbij spaargeld lager belast wordt dan beleggingen en vastgoed.

De cijfers voor 2026:
• Heffingsvrij vermogen 2026: €59.357 per persoon (€118.714 voor fiscale partners).
• Belastingtarief: 36%.
• Forfaitair rendement: Voor ‘overige bezittingen’ (zoals aandelen en vastgoed) wordt in 2026 gewerkt met een percentage van ongeveer 6%. Spaargeld volgt de actuele marktrente.

De tegenbewijsregeling box 3

Heeft u in 2025 of 2026 minder rendement behaald dan de forfaits van de Belastingdienst? Dan kunt u gebruikmaken van de tegenbewijsregeling box 3. U geeft dan uw werkelijke rendement op in uw aangifte. In 2026 verstuurt de Belastingdienst bovendien brieven naar belastingplichtigen die mogelijk recht hebben op herstel over de jaren 2017-2024.

Wat verandert er vanaf 2028?
Vanaf 1 januari 2028 verdwijnen de forfaits definitief. Het nieuw Box 3 stelsel introduceert twee vormen van belastingheffing:

1. Vermogensaanwasbelasting (o.a. aandelen en banktegoeden): U betaalt jaarlijks belasting over uw directe inkomsten (rente, dividend) en over de waardestijging van uw bezittingen, ook als u deze nog niet heeft verkocht (ongerealiseerde rendementen).
2. Vermogenswinstbelasting (vastgoed): Voor onroerend goed geldt een belangrijke uitzondering.

Gevolgen voor Box 3 vastgoed 2028

Voor vastgoedbeleggers is er een specifiek regime in het voorstel opgenomen. Waar aandelen jaarlijks op basis van hun waardestijging worden belast, wordt de waardestijging van vastgoed pas belast bij verkoop (het realisatiemoment). Dit voorkomt liquiditeitsproblemen, maar betekent wel dat u een belastinglatentie opbouwt. De jaarlijkse huurinkomsten (minus specifieke onderhoudskosten) blijven wel gewoon jaarlijks belast onder het werkelijk rendement. Let op: bij de start in 2028 wordt de beginwaarde van uw vastgoed waarschijnlijk vastgesteld op de WOZ-waarde, wat cruciaal is voor uw toekomstige winstberekening.

Wat moet u doen in 2026?

De overgang naar werkelijk rendement vraagt om een scherpere administratie en een proactieve houding:

• Administratieplicht: Begin nu al met het nauwkeurig bijhouden van directe inkomsten en kosten. Dit is essentieel voor de tegenbewijsregeling en de toekomstige aangiftes vanaf 2028.
• Liquiditeitsplanning: Houd rekening met de belastingheffing over ongerealiseerde rendementen op beleggingen vanaf 2028. Zorg dat u de belasting kunt betalen zonder activa geforceerd te moeten verkopen.
• Herstructurering: Voor grote vermogens kan het in 2026 interessant zijn om te kijken naar de balans tussen Box 2 (BV) en Box 3.

Conclusie

Het jaar 2026 is het startpunt van een grote fiscale transitie. Hoewel de definitieve invoering van het werkelijk rendement in 2028 gepland staat, dwingt de huidige overbruggingswetgeving u nu al tot actie. Een juiste toepassing van de tegenbewijsregeling kan u duizenden euro’s besparen.

Uw vermogen optimaal structureren?

Finoptis helpen u graag bij het navigeren door deze complexe wijzigingen. Of het nu gaat om de begeleiding bij vermogensstructurering of specifiek fiscaal advies voor ondernemers, wij zorgen dat u klaar bent voor 2028. Neem contact met ons op voor een adviesgesprek.


bronnen:

    1. Rijksoverheid – Dossier Box 3
    2. Belastingdienst – Opgaaf werkelijk rendement

Neem direct contact op!

Neem contact op met administratiekantoor Finoptis voor al jouw vragen! 

Facebook
Twitter
LinkedIn
WhatsApp

Geef een reactie